Het is precies deze paradox die voortaan de macro-economische visie van beleggers domineert. Enerzijds blijven de activiteitsindicatoren standhouden: de detailhandelsverkopen blijven solide, de banengroei houdt stand, de PMI's blijven over het algemeen in de expansiezone en de verwachte winsten van Amerikaanse bedrijven blijven zelfs stijgen. De laatste statistieken hebben deze veerkracht opnieuw bevestigd met een ISM-index voor de verwerkende industrie die boven de verwachtingen lag, een consumptie die niet verzwakt en een arbeidsmarkt die weigert abrupt te verslechteren.

Maar deze economische kracht wordt bijna een probleem voor de markten. Tegelijkertijd duiken de inflatoire spanningen namelijk geleidelijk weer op. De stijging van de olieprijzen, de logistieke verstoringen rond de Straat van Hormuz en de herstel van de producentenprijzen voeden een monetair "higher for longer" scenario. De laatste PPI-cijfers verrasten aan de bovenkant, terwijl verschillende inflatiecomponenten de aanhoudende energieschok beginnen te weerspiegelen.

Resultaat: de verwachtingen voor renteverlagingen zijn fors naar beneden bijgesteld. Waar de markten enkele weken geleden nog uitgingen van meerdere monetaire versoepelingen, anticiperen beleggers nu vrijwel niet meer op snelle steun van de Fed. Jerome Powell zelf benadrukte dat de centrale bank nog over een voldoende restrictief beleid beschikt om te wachten op meer duidelijkheid alvorens in te grijpen.

Deze heropleving van de inflatoire spanningen verklaart ook het gedrag van de Amerikaanse lange rente, die geleidelijk ophoudt haar rol als traditionele veilige haven te spelen. Zolang de olieprijs hoog blijft, vrezen de obligatiemarkten dat een aanhoudende terugkeer van de inflatie de Fed zal beletten haar monetaire beleid te versoepelen, ondanks de geleidelijke vertraging van de groei.

De aandelenmarkt blijft daarentegen verbazingwekkend veerkrachtig. De winsten blijven de onderliggende trend ondersteunen en de interne indicatoren wijzen nog niet op de intrede van een echte bear market. Maar de stijging van de olieprijs fungeert nu als een belasting op de wereldwijde groei. Mocht een vat olie duurzaam boven de 100 dollar blijven, dan zou het risico niet langer alleen inflatoir zijn: het zou geleidelijk recessionair worden.

Het centrale scenario blijft derhalve dat van een tijdelijke schok, waarbij geopolitieke afkoeling ervoor zorgt dat de olieprijs in de komende weken terugvalt. Maar hoe langer het conflict voortduurt, hoe meer de markt rekening zal moeten houden met een omgeving die vertraagde groei, aanhoudende inflatie en een Fed die gedwongen is langer restrictief te blijven combineert, wat de dollar direct ten goede komt.

Technisch gezien test de EURUSD momenteel zijn cruciale steun op 1.1645/00, parallel met de weerstand van 99.45 bij de DXY. Een duidelijke doorbraak van deze technische niveaus zou het bearish scenario voor de dollar ontkrachten.

Verder is de USDJPY boven de grens van 158.10 gestegen, waarmee het bearish scenario is komen te vervallen. De volgende weerstand bevindt zich op 160.50. Van zijn kant slaagde de USDCHF er niet in om 0.7775 te doorbreken om de weg naar 0.7660 te openen. De eerste weerstand ligt op 0.7905/36. Geen verandering dan weer bij het valutapaar AUDUSD, dat onder 0.7200/15 bleef en nu zijn eerste steun op 0.7100 test. De kiwi is eveneens gestuit op 0.6000 en nadert 0.5815, het niveau dat overeenkomt met 0.7100 op de aussie.