(Alliance News) - Stellantis, Renault en Volkswagen hebben de krachten gebundeld om de invoering van strengere 'Made in EU'-criteria te bepleiten. Hiermee willen zij de concurrentiepositie van de Europese auto-industrie versterken tegenover de toenemende rivaliteit van goedkope Chinese elektrische voertuigen, zo meldde de Financial Times vrijdag.

De drie autofabrikanten, die samen goed zijn voor meer dan 60 % van de voertuigproductie in de EU, hebben vrijdag een voorstel ingediend bij Europese parlementsleden en beleidsmakers. Zij vragen om een regelgevend kader dat fabrikanten die hun productie, ontwerp en ontwikkeling in Europa houden, duidelijk beloont.

In het gezamenlijke document verklaren Stellantis, Renault en Volkswagen dat zij willen waarborgen dat Europa een wereldmacht in de automobielsector blijft. Zij pleiten voor een eenvoudig toe te passen en te controleren mechanisme dat de Europese auto's en industrie bevoordeelt.

Het initiatief maakt deel uit van het debat over de Industrial Accelerator Act, het plan van de Europese Commissie om de industriële concurrentiekracht van het blok te vergroten.

De huidige Europese voorstellen voorzien dat auto's voor bedrijfsvloten en kleine elektrische voertuigen in de EU geassembleerd moeten worden om aanspraak te kunnen maken op subsidies en overheidsopdrachten. Daarnaast wordt een aandeel van 70 % aan lokaal geproduceerde onderdelen vereist, exclusief de batterijen.

De drie autoconcerns stellen daarentegen een eenvoudiger systeem voor, gebaseerd op een drempel waarbij 70 % van de in Europa geproduceerde voertuigen ten minste 70 % aan onderdelen moet bevatten uit de 27 EU-lidstaten, evenals uit IJsland, Liechtenstein en Noorwegen. De resterende 30 % zou afkomstig mogen blijven uit landen buiten Europa.

Volgens Stellantis, Renault en Volkswagen moet de definitie van 'Made in EU' niet alleen de eindassemblage omvatten, maar ook de activiteiten op het gebied van engineering, onderzoek en ontwikkeling.

De bedrijven vragen bovendien om meer stimuleringsmaatregelen om de hogere energie- en loonkosten te compenseren waarmee Europese producenten te maken hebben in vergelijking met concurrenten in landen als Turkije en Marokko.

De drie autofabrikanten steunen ook de uitbreiding van de zogenaamde 'supercredits' voor kleine in Europa gebouwde elektrische voertuigen naar alle in de Unie geproduceerde EV's, om het behalen van de emissiedoelstellingen te vergemakkelijken.

Bijzondere aandacht gaat uit naar de toeleveringsketen van batterijen, die wordt beschouwd als de belangrijkste graadmeter voor de strategie om de industrie naar de eigen regio terug te halen.

De drie fabrikanten zijn van mening dat de lokalisatiedoelen voor batterijcellen een realistischer traject moeten volgen. Zij vragen om de huidige deadline van 2028 te verschuiven naar 2030 en benadrukken dat het behalen van de doelstellingen mede afhankelijk zal zijn van overheidssteun aan Europese producenten zoals Verkor en ACC.

Het voorstel stuit echter op weerstand van diverse niet-Europese fabrikanten, waaronder Toyota, Jaguar Land Rover en Honda. Zij uiten hun bezorgdheid over de uitsluiting van onderdelen uit het VK, Japan en Turkije en waarschuwen dat de nieuwe eisen de prijs van voertuigen voor de Europese consument verder kunnen opdrijven.

Het aandeel Stellantis noteert 5,8 % hoger op 6,128 EUR, Renault stijgt met 5,0 % tot 28,20 EUR, terwijl Volkswagen 3,7 % in het groen staat op 88,22 EUR.

Door Antonio Di Giorgio, verslaggever bij Alliance News

Vragen en opmerkingen naar redazione@alliancenews.com

Copyright 2026 Alliance News IS Italian Service Ltd. Alle rechten voorbehouden.