In april debatteerde de ECB al over een renteverhoging, maar verkoos zij uiteindelijk af te wachten. De centrale bank handhaaft haar belangrijkste beleidsrente nu al een jaar op 2 %.

De driemaandelijkse sluiting van de Straat van Hormuz houdt de energieprijzen echter op een hoog niveau, wat de vrees voedt voor een overloopeffect op de algehele inflatie. In april bereikte de inflatie in de eurozone 3 %, het hoogste niveau sinds september 2023.

"We zouden (...) onze inflatieprognoses in juni opnieuw moeten verhogen", gaf Philip Lane, hoofdeconoom van de ECB, gisteren aan in een interview met het Japanse dagblad Nikkei. De ECB actualiseert haar economische projecties elke drie maanden. In maart had de ECB haar inflatieverwachting voor 2026 verhoogd naar 2,6 %, tegenover 1,9 % afgelopen december.

Gezien deze situatie aarzelen de haviken binnen de ECB niet om op te roepen tot renteverhogingen. "Gezien de omvang en de persistentie van de huidige schok is stilzitten in mijn ogen geen optie meer", stelt Isabel Schnabel, Duits bestuurslid van de ECB, resoluut in een interview met Reuters. "Ik denk dat een renteverhoging in juni noodzakelijk zal zijn."

Dit is ook wat door de markten wordt ingeprijsd; zij anticiperen op twee tot drie renteverhogingen over het gehele jaar 2026. Door Reuters gepolste economen voorspellen van hun kant twee verhogingen in 2026, gevolgd door een verlaging in 2027.

De grote vraag voor de ECB is of de schok van de energieprijzen doorsijpelt naar de rest van de economie. Dat is het risico waar Isabel Schnabel op wijst. In principe moet een centrale bank door een energieschok, die tijdelijk van aard is, heen kijken en niet automatisch de rente verhogen.

Temeer daar de monetaire verkrapping in zekere zin al heeft plaatsgevonden, aangezien de rentestanden fors zijn gestegen. "De financiële voorwaarden zijn restrictiever geworden, de rentetarieven zijn gestegen... banken tonen zich strenger bij de kredietverlening", onderstreept Olaf Sleijpen, directeur bij de Nederlandse centrale bank.

De jongste data tonen inderdaad aan dat de Europese economie vertraagt, wat de inflatie niet in de kaart speelt. Vorige week liet de samengestelde PMI zien dat de activiteit in de eurozone voor de tweede achtereenvolgende maand is gekrompen. Gisteren verlaagde de Europese Commissie haar groeiprognose naar 0,9 %, tegenover 1,2 % afgelopen najaar.

De ECB houdt 2022 nog altijd in het achterhoofd. Destijds bestempelden centrale bankiers de inflatie als "tijdelijk" en wachtten zij te lang met ingrijpen. Men mag echter niet vergeten dat de situatie vandaag de dag heel anders is. In 2022 stond de rente op nul, bevond de economie zich in een fase van post-pandemisch herstel en was de arbeidsmarkt oververhit. Stuk voor stuk elementen die ertoe bijdroegen dat de inflatieschok aanhield, maar die in 2026 niet langer aanwezig zijn.

In fine dwingt de aanhoudende sluiting van de Straat van Hormuz de ECB tot actie. Er moet worden aangetoond dat men bereid is in te grijpen wanneer de inflatie weer oplaait, en dat moet verder gaan dan een loutere verharding van de retoriek. Voor de ECB gaat het er vooral om geloofwaardig te blijven om de inflatieverwachtingen te verankeren en een verdere verspreiding van de energieschok te voorkomen.