Olie-opties en futures signaleren dat het nieuwste conflict in het Midden-Oosten mogelijk van korte duur is, aangezien handelaren massaal inzetten op structuren die profiteren van een prijsdaling na de initiéle piek.

Optie- en futuresmarkten geven vaak het eerste signaal of handelaren een aanbodschok als vluchtig of structureel beschouwen, wat kansen biedt om te profiteren van scherpe prijsschommelingen.

De Israëlisch-Amerikaanse aanval op Iran heeft schokgolven door de energiemarkten gejaagd, terwijl de kosten voor oorlogsrisicoverzekeringen stijgen, vrachttarieven recordhoogtes bereiken en verstoringen bij de Straat van Hormuz de oliestromen belemmeren en honderden schepen laten vastlopen. De olieprijzen stonden vrijdag op het hoogste niveau in jaren.

In een teken dat handelaren de prijsschok als tijdelijk beschouwen, sprong de 30-daagse ‘at-the-money’ geïmpliceerde volatiliteit van Brent de afgelopen week tot en met dinsdag met 17,5 punt naar 68%, terwijl de looptijden van 60 en 90 dagen slechts met respectieëlijk 5,9 en 2,8 procentpunten stegen, zo blijkt uit gegevens van LSEG.

“Wat we in real-time zien, is het verschil tussen een logistieke crisis en een structurele,” vertelde Brian E. Kinsella, voormalig energiespecialist bij Goldman Sachs, aan het Reuters Global Markets Forum.

“De markt gokt erop dat het logistiek is en ik denk dat dat de juiste interpretatie is,” voegde hij eraan toe.

De Brent-futurescurve geeft een soortgelijk signaal af. Het verschil tussen het Brent-contract voor de eerste maand en het contract voor over zes maanden werd groter tot ongeveer $10, de sterkste ‘backwardation’ sinds de oorlog tussen Rusland en Oekraïne in 2022. Dit wijst op een krap aanbod op de korte termijn, maar suggereert tegelijkertijd een tijdelijke verstoring.

Ondertussen halveerde de put-to-call ratio op West Texas Intermediate-opties maandag ruimschoots tot 0,35 ten opzichte van het slot van vrijdag, zo bleek uit CME-gegevens. Dit duidde op grootschalige aankopen van bullish call-opties, voordat de ratio dinsdag weer herstelde tot 0,56 toen de vraag naar neerwaartse bescherming terugkeerde.

Een call-optie geeft de houder het recht, maar niet de verplichting, om een crude futures-contract te kopen tegen een vastgestelde prijs, terwijl een put-optie het recht geeft om er een te verkopen.

De ratio vergelijkt bearish put-opties, die profiteren van dalingen, met bullish call-opties die profiteren van stijgende prijzen om het marktsentiment te peilen.

“Handelaren zitten al aanzienlijk short in deze ‘deep out-of-the-money’ calls, wat zorgt voor een meer negatief gammaprofiel in ruwe olie,” zei Rebecca Babin, senior energiehandelaar bij CIBC Private Wealth US. Dat staat in contrast met de meer typische omgeving waarin handelaren ‘long gamma’ zijn en verkopen tijdens rally's. Gamma laat zien hoe sterk de gevoeligheid van een optie voor de futuresprijs (delta) verandert als de markt beweegt.

Een groot deel van de Brent-strip voor 2027 handelt nog steeds onder de $70 per vat, een teken dat markten nog geen structurele verschuiving in het langetermijnaanbod incalculeren, aldus Babin.

Producenten hebben de rally ook gebruikt om toekomstige productie af te dekken, wat natuurlijke verkoopdruk creëert op volatiliteit op de langere termijn, voegde ze eraan toe.

Risicopremies blijven geconcentreerd aan de voorzijde van de futurescurve, wat de visie versterkt dat handelaren de verstoring nog steeds als tijdelijk beschouwen, zei Darrell E. Fletcher, managing director commodities bij handelsonderneming Bannockburn Capital Markets.

OPEN INTEREST BRENT STIJGT SCHERP

De open interest voor Brent-opties daalde eind februari scherp voordat deze begin maart weer herstelde, wat suggereert dat handelaren posities afbouwden voordat ze nieuwe hedges opzetten.

De open interest voor de eerste maand daalde van ongeveer 388.000 contracten op 18 februari naar ongeveer 73.000 op 27 februari, om volgens op 2 maart naar meer dan 700.000 contracten te stijgen toen er nieuwe posities werden ingenomen.

“De open interest-gegevens lijken een duidelijke aanwijzing dat het ging om een scherpe afbouw van posities en niet om een structurele herwaardering. Aan de korte kant wordt duidelijk een trade gesloten, terwijl de lange kant is waar men op moet letten,” aldus Kinsella.

De positionering in futures laat een soortgelijk patroon zien, met meer dan 40% van de open interest geconcentreerd in de expiratiemaanden april tot en met juli en dunnere positionering verder op de curve, volgens gegevens van de CME.

(Word lid van GMF, een chatroom op LSEG Messenger voor live interviews: https://lseg.group/3KFHrhe)