Na de sterke prestaties in 2024 en 2025 waren defensieaandelen uitgegroeid tot een marktconsensus. De ommekeer is echter zeer duidelijk: volgens Tikehau Capital zijn de long-posities van hedgefondsen in de sector gedaald van ongeveer 23 naar 12 miljard dollar, terwijl de short-posities zijn gestegen tot meer dan 4 % van de free float, het hoogste niveau sinds de EU-NAVO-top van februari 2025. De conclusie? Veel beleggers hebben simpelweg hun winst genomen na een spectaculaire koersstijging.
"Defensieaandelen waren voor het merendeel overgewaardeerd en men moet op de beurs altijd op zijn hoede zijn voor modeverschijnselen", analyseerde Christopher Dembik, beleggingsstrateeg bij Pictet AM, onlangs. "Iedereen wilde zich op deze sector storten, soms zonder de fundamenten, het belang van overheidsopdrachten en de cycliciteit te begrijpen. Dat betekent niet dat men niet moet beleggen, maar men moet weten wanneer het tijd is om winst te nemen."
Militaire budgetten slachtoffer van politieke oorlogen
Marktpartijen maken zich ook zorgen over het vermogen van Europese staten om een dergelijke budgettaire inspanning op de lange termijn vol te houden. Vooral omdat de economische indicatoren niet geruststellend zijn, met een stagnerende groei, hoge tekorten en stijgende energiekosten...
Naast de financiële capaciteit kan ook de politieke wil van Europa om militaire soevereiniteit op te bouwen in twijfel worden getrokken, zeker wanneer men vaststelt dat veel Europese landen op grote schaal blijven inkopen bij "Uncle Sam", ten nadele van hun Europese sectorgenoten.
In Frankrijk illustreert de recente blokkade in de Senaat van de Franse militaire programmeringswet de politieke hindernissen die nog moeten worden overwonnen om beleggers gerust te stellen. Vorige week leed het verzoek om een globale budgetverhoging van 50 miljard euro tot 2030 een gevoelige nederlaag, als slachtoffer van een oorlog die ditmaal politiek was en door de volksvertegenwoordigers werd uitgevochten.
Veeleisende markten en drones die alles veranderen
Beleggers letten ook scherper op de operationele uitvoering. In een context van hoge waarderingen wordt de minste vertraging in de levering of de kleinste teleurstelling over de resultaten zwaarder afgestraft.
De casus Rheinmetall illustreert deze nieuwe veeleisendheid. Het Duitse concern publiceerde resultaten over het vierde kwartaal van 2025 die iets onder de verwachtingen lagen, waarna het aandeel sinds het begin van het jaar 22 % verloor, ondanks een fundamenteel gunstig klimaat.
Bovendien stelt de opkomst van drones en autonome systemen de traditionele modellen van landoorlogvoering ter discussie: tegenwoordig kan een drone van enkele duizenden euro's een tank of pantservoertuig vernietigen dat 1000 keer zo duur is.
Groepen die het meest zijn blootgesteld aan traditioneel zwaar materieel profiteren daarom niet langer automatisch van dezelfde premie als spelers die gepositioneerd zijn in nieuwe defensietechnologieën.
Fundamenten blijven solide
Ondanks deze beurspauze blijven de industriële indicatoren indrukwekkend. Frankrijk voorziet 413 miljard euro aan militaire uitgaven in het kader van de militaire programmeringswet 2024-2030. In Duitsland zou het defensiebudget in 2027 kunnen oplopen tot 145 miljard euro, een stijging van 21 % ten opzichte van het vorige niveau.
Bovenal blijven de orderportefeuilles records breken: 73 miljard euro aan orders voor Rheinmetall, bijna 57 miljard voor Leonardo, 53 miljard voor Thales en 46,5 miljard voor Dassault Aviation.
De analisten van Tikehau maken dan ook melding van een vrijwel continue groei van de orderportefeuilles tussen 2023 en het eerste kwartaal van 2026 voor alle grote Europese spelers in de sector.
Een pauze in plaats van een ommekeer?
De huidige correctie lijkt dan ook meer op een consolidatiefase dan op een fundamentele heroverweging van de beleggingscase. De Europese herbewapening is niet alleen een antwoord op decennia van onderinvestering, maar ook op de Amerikaanse terugtrekking uit Europa. De expansionistische ambities van Washington ten aanzien van Europees grondgebied zoals Groenland hebben het oude continent ook herinnerd aan de noodzaak om zelf voor zijn defensie in te staan.
Deze breuklijn tussen de VS en Europa is voelbaar op de markten: beleggers behandelen defensie niet langer als een homogeen blok, maar maken meer onderscheid tussen spelers op basis van hun geografie, technologische blootstelling, uitvoeringskwaliteit en hun vermogen om orders om te zetten in rendabele groei.
Europese defensie: waarom beleggers gas terugnemen ondanks recordorders
Wat is er aan de hand? Terwijl de geopolitieke spanningen (en de militaire budgetten) wereldwijd omhoogschieten, hebben de Europese defensiereuzen de afgelopen drie maanden flinke klappen gekregen op de beurs: -54 % voor CSG, -25 % voor Rheinmetall, -20 % voor Saab, -17 % voor Leonardo, -13 % voor BAE Systems, -11 % voor Dassault Aviation… In werkelijkheid kijken de markten verder dan het loutere verhaal van de Europese herbewapening. Men moet er inmiddels vanuit gaan dat de stijging van de militaire uitgaven al grotendeels in de waarderingen is verdisconteerd.



















